Wat heb je aan het Enneagram?

Het Enneagram is gebaseerd op het principe dat we drie centra hebben van waaruit wij ooit onze persoonlijkheid hebben gevormd. Het intellectuele centrum (hoofd), het gevoelscentrum (hart) en het instinctieve centrum (buik).

 

Deze drie centra komen overeen met drie soorten intelligentie;

  • Het intellect, het vermogen om te denken en te begrijpen;

  • Het gevoel, het vermogen om dingen te voelen en waar te nemen die niet logisch zijn, zoals schoonheid, liefde en betekenis;

  • Het instinct, het vermogen om verbonden te zijn met ons lichaam, en zo te weten wat nodig is voor onze innerlijke ontwikkeling en ons lijfbehoud.

 

Iedere persoonlijkheid bestaat uit een mengelmoes van deze drie centra waarbij altijd een bepaald centrum de boventoon voert. Maar juist hierdoor heeft elke persoonlijkheid zijn eigen sterke punten maar ook zijn valkuilen.

 

Met de kennis van die drie bronnen van intelligentie leert het Enneagram ons dat elk type op een bepaalde manier naar de realiteit kijkt, en van daaruit haast voorspelbaar en mechanisch reageert op het leven.

Bijvoorbeeld, iemand die anderen altijd als bedreigend beschouwt zal daarom zich op een verdedigende, zelfbeschermde manier gedragen omdat hij verwacht dat iedereen altijd gemeen tegen hem zal zijn. Door dit gedrag krijgt hij vervolgens de reactie die hij verwacht en ziet dit als een bevestiging van zijn vooringenomen houding en gedrag.

En daarmee is de cirkel rond.

 

Het Enneagram leert dan dat de centra niet in balans zijn. Het gevoelscentrum probeert de intenties van andere mensen te voelen, zodat we ons kunnen beschermen tegen agressie. Maar daarbij gaan we voorbij aan nuchter verstand en begrip te hebben voor de oprechte bedoelingen van anderen, en ook aan ons instinct dat een voldoende garantie kan bieden voor ons lijfbehoud.

Door beter contact met de twee andere centra zou het intellectuele centrum ons kunnen vertellen dat niet alle mensen eropuit zijn om ons te pakken te krijgen maar ook eerlijke bedoelingen hebben. En dan zou ons instinctieve centrum ons sterk genoeg laten voelen om het leven met vertrouwen tegemoet te treden. Als we dan een agressief persoon ontmoeten, zijn we niet bang omdat we worden gesteund door onze eigen kracht, vanuit het instinctieve centrum.

 

Dit zou een evenwichtige en meer realistische manier zijn om het leven te leven in plaats van altijd dezelfde realiteit te creëren en in angst te leven.